Woensdag 23 juli j.l. reageerde minister Rouvoet op de nota met aanbevelingen om de positie van pleegouders te verbeteren. Hij wil met de provincies in overleg gaan, want het moet gemakkelijker worden voor de pleegouders.
De rol van pleegouders als belanghebbende partij wordt in de wet verankerd. Ook wil de minister dat het voor pleegouders duidelijk wordt waarom sommige kosten wel en andere niet worden vergoedt.
De nota met aanbevelingen is uitgebreid en divers. Wat mij opvalt, is het gemak waarmee pleegouders zich scharen binnen de gebruikelijke overlegstructuren, gebruiken, opvattingen etc.
De nota is vooral een reactie op de bestaande praktijk. Ik verwacht dan ook niet veel goeds van het overleg van de minister met de provincies. Het bestaande stelsel (regelingen, afspraken, kaders etc) is inmiddels al zo vaak bijgesteld, er is al zoveel aan geschaafd, dat de flexibiliteit en het aanpassingsvermogen behoorlijk is aangetast…
Ik vind dat pleegouders nadrukkelijker een eigen positie moeten opeisen in het speelveld. Gelet op hun inbreng en betekenis voor uit-huis-geplaatste jongeren, adviseer ik hen een eigenstandige positie op te eisen… en in te nemen!
Geen partner binnen ingewikkelde overlegcircuits, maar de rol van maatschappelijk ondernemer, die bepaalde verantwoordelijkheden op zich neemt en bevoegdheden toe-eigent.
Minder rompslomp; meer daadkracht!